Kunstmakelaardij Metzemaekers
Op deze pagina vindt u een overzicht van kunstenaars waarvan u op deze site meer informatie kunt vinden.

Hont, Pieter D`

Hilversum, 24 april 1917 - Utrecht, 12 juni 1997

Biografie: Pieter D` Hont

Pieter Hermanus d'Hont was een Nederlands beeldend kunstenaar, vooral bekend als beeldhouwer. Hij was de officieuze stadsbeeldhouwer van Utrecht en heeft daar vele beelden achtergelaten, waaronder het beeld van Anne Frank, waar nog iedere dag bloemen bij gelegd worden.

De meeste bekendheid verwierf hij met het beeldje Edison, dat ieder jaar wordt uitgereikt tijdens de Edison Music Awards (vroeger bekend als het Grand Gala du Disque). Andere hoogtepunten uit zijn werk zijn de fontein inZwijndrecht en het enorme reliëf in het RIVM in Bilthoven dat hij samen met Arie Teeuwisse maakte. Daarnaast portretteerde hij vele bekende Nederlanders, onder wie koningin Beatrix.

Zijn werk is figuratief en hevig beïnvloed door zijn leraar Jan Bronner en diens opvatting over "kunst in dienst van de samenleving". Vroeg werk was dan ook vooral beeldhouwwerk als ornament aan gebouwen, met duidelijkeAmsterdamse School invloeden. Later concentreerde d'Hont zich meer op het vrijstaand ruimtelijke beeld. Waarbij hij de beelden niet langer polijst, maar de structuur van de klei tot onderdeel maakt van de expressieve kracht van het beeld.

Pieter d'Hont werd geboren in een gezin van vijf kinderen. Zijn vader was timmerman en bracht Pieter de liefde voor ambachtelijk handwerk, daarnaast was zijn vader ook begenadigd tekenaar. Zijn moeder was de dochter van een boerenfamilie en heeft nog enige tijd geposeerd voor schilder Jacobus van Looy. Na Hilversum verhuisde ze naar Tilburg en aantal jaren later weer naar Utrecht.

Pieter ging op aandringen van zijn ouders in de leer bij Willem van Leusden, Willem van Kuilenburg en Jan van Uffelen. Toen Pieter aangaf naar de kunstacademie te willen, stonden zijn ouders dan ook niet direct negatief tegenover deze wens. Hij werd aangenomen bij de Rijksakademie van Beeldende Kunsten in Amsterdam en kreeg les van Jan Bronner, met wie hij een lange vriendschapsband opbouwde. Hij behaalde de zilveren Prix de Rome in 1940 en dit leidde tot zijn eerste opdracht, van de gemeente Utrecht. Het werd het beeld Wijsheid, dat geheel in de traditie van de Amsterdamse School, Spinozabrug moest bekronen. Om het beeld te maken mocht Pieter d'Hont gebruikmaken van het bolwerk Manenburg aan de Stadsbuitengracht. Dit zou zijn verdere leven zijn atelier blijven.

Tijdens de Tweede Wereldoorlog waren er maar weinig opdrachten en hield hij zich bezig met portretten. Ook had hij Marius van Beek als onderduiker in zijn atelier opgenomen. Na de oorlog kreeg hij veel kleine toegepaste opdrachten zoals gevelstenen en grafmonumenten. In 1948 trouwt hij met schilderes Anneke Jansen (zij scheidde in 1956). Hij werd lid van het Utrechtse Genootschap Kunstliefde en van de Nederlandse Kring van Beeldhouwers. Rond die tijd komt hij ook in contact met grotere opdrachtgevers uit het bedrijfsleven zoals Bernard Johan Kerkhof en Jan M. Fentener van Vlissingen en werd hij lid van de Rotary. Andere grote opdrachten volgden, zoals voor de jaarbeurs (inmiddels gesloopt), de fronton aan het stadhuis en de reliëfs aan het kantoor van de SHV, met als hoogtepunt de reliëfs voor het RIVM. Dit was zo'n enorm project dat hij de hulp inriep van Arie Teeuwisse. Een samenwerking die geheel geïnspireerd was op het "kunst voor de samenleving" principe en Pieters liefde voor het ambachtswerk zoals in de middeleeuwen waar meerdere beeldhouwers werkte aan één opdracht.

Na dit werk komt Pieter onder invloed te staan van een nieuw gezichtspunt in de beeldhouwkunst, het vrijstaande beeld dat niet per se opging in zijn omgeving. Voorbeelden hiervan zijn Vrouw met de stola en Anne Frank. De portretkunst bleef een andere bron van inkomsten, waarmee hij bijna landelijke bekendheid mee verwierf. In eerste instantie vooral mensen uit het bedrijfsleven maar later ook uit de wetenschappelijke wereld nadat hij was hertrouwd met Silvie Kögl, dochter van chemicus Fritz Kögl. In de jaren zestig kreeg hij zijn eerste solotentoonstelling en internationale erkenning doordat hij in opdracht van uitgeverij Bruna een beeld van de fictieve commissaris Maigret mocht maken, dit wekte de interesse van de Fransen en hierdoor kon hij in 1967 in Parijs exposeren. Tevens heeft hij in deze jaren het beroemde beeldje van Thomas Alva Edison voor het Grand Gala du Disque gecreëerd, de fontein in Zwijndrecht en de enorme massieve Bizon voor Koninklijke Wegenbouw Stevin.

Zo voorspoedig als de jaren zestig waren, zo moeizaam verliep het daaropvolgende decennium. Hij moest zich terugtrekken uit verschillende verenigingen, omdat hij er geen tijd meer in kon steken en zijn huwelijk met Silvie Kögl liep ook op de klippen. In de jaren tachtig maakte hij nog enkele monumentale werken, zoals Jan Pieterszoon Koppelstock in Brielle. Op 24 april 1997 werd er een overzichtstentoonstelling geopend van zijn werk van de laatste tien jaar - zijn laatste tentoonstelling - waar ook koningin Beatrix bij aanwezig was. Bij deze gelegenheid werd hij benoemd tot Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw. Enkele maanden later overleed hij.

Lees verder
Aangeboden werken (1)
Werken in het archief (18)
Signatuur